Archive for the ‘Klassieke muziek (eigentijds)’ Category

Nieuwe muziek tijdens Reykjavik Festival

De Duitse regionale radiozender NDR Kultur biedt op woensdag 25 januari weer een aflevering van het vaste programmaonderdeel Neue Musik met als thema Neue Musik an dunklen Tagen ─ die Dark Music Days in Island und Neues aus anderen skandinavischen Ländern.

De Finse componiste Kaija Saariaho.


Daarin wordt aandacht besteed aan de
Dark Music Days, een festival voor hedendaagse muziek, dat vier dagen achtereen ─ 26 tot en met 29 januari ─ wordt gehouden in Reykjavik.
Gedurende die vier dagen worden in de hoofdstad van IJsland werken voorgesteld van onder meer de Deense componist Per Nørgärd (geboren 1932) en de Finse Kaija Saariaho (geboren 1952).
Het zou, gezien de donkere dagen waarop dit festival wordt gehouden, dat het eerste Vioolconcert van Per Nørgärd uit de jarfen 1985-1986 zou worden gespeeld, vanwege de titel: Helle Nachte.

In KRO’s Avondconcert veel Nederlandse muziek

Radio 4 biedt op dinsdag 6 septmber in het Avondconcert ─ deze keer van de KRO ─ een optreden van het Nederlands Philharmonisch Orkest onder leiding van Etienne Siebens. Solistische medewerking wordt verleend door de pianist Ralph van Raat.
Er worden werken uitgevoerd van in ieder geval vier Nederlandse componisten, te beginnen met de Symfonie nr. 3, Facetten, opus 57, uit 1955, van Lex van Delden (1919-1988), die tevens muziekcriticus van Het Parool is geweest. Als tweede onderdeel van het programma wordt No reason to panic uitgevoerd van Mayke Nas (geboren 1972); het is gecomponeerd in 2006, voor blaasorkest, slagwerk en contrabas.

Componist Jan van Gilse.

Het derde stuk is opnieuw van een vrouwelijke componist van eigen bodem: de internationaal, wat meer dan menig landgeno(o)t(e), vermaarde Henriette Bosmans (1895-1952), één der weinige Joodse musici die de meer dan beestachtige krankzinnigheid van het moffentuig heeft overleefd; als enige onder de musici van het toenmalige Amsterdam genoot ze protectie van Willem Mengelberg, in tegenstelling tot de andere Joodse medewerkers van het Concertgebouworkest. Van Henriette Bosmans wordt het Concertino voor piano en orkest uit 1928 gespeeld, met Ralph van Raat als solist
De Symfonie nr.1, gecomponeerd in de jaren 1900-1901, van Jan van Gilse (1881-1944) is de vierde compositie van eigen bodem die in dit optreden zal klinken. Het betreft een uitzending van een concert dat live voor de radio werd gespeeld in het Concertgebouw te Amsterdam op zaterdag 3 september.

Tournee Nederlands Studentenorkest doet tien Nederlandse steden aan in tien dagen

Tournee
De jaarlijkse tournee van het Nederlands Studenten Orkest is dit jaar op zondag 6 februari van start gegaan in Someren, waar de musici traditiegetrouw enkele weken de voorbereidingen — repetities en wat dies meer zij — hebben getroffen voor de optredens, die met een hoge frequentie  tien concerten op evenzovele dagen achtereen — verspreid over ons land worden verzorgd.
Na de première in Someren op 6 februari Someren doet het ensemble accommodaties aan in Eindhoven, Middelburg en Enschede. Van donderdag 10 tot en met zaterdag zijn
Maastricht, Haarlem, Nijmegen aan de beurt, van zondag 13 tot en met dinsdag 15 februari zal nog worden geconcerteerd in achtereenvolgens Groningen Rotterdam en Amsterdam. Gedetailleerde gegevens zijn te vinden op de website van het NSO.

Zoals gebruikelijk is er ook voor dit concert een compositie-opdracht verstrekt: deze keer is dat aan Marijn Simons, die Moriae Encomium, opus 64 speciaal voor het Nederlands Studentenorkest heeft geschreven, naar De Lof der Zotheid van Desiderius Erasmus.
Na de tien concerten in eigen land zal de tournee definitief worden afgesloten op donderdag 17 februari in de Poolse stad Krakau. Drigent is Peter Biloen.

Edward Elgars Celloconcert
In de programmering volgt het NSO ook dit jaar de met succes bewandelde wegen van voorheen: naast een groot orkestwerk tot besluit, is er ook dit jaar plaats ingeruimd voor een solist, die een compositie uit het grote repertoire zal voordragen. Dit seizoen is dat het Concert voor cello en orkest in e kleine terts, opus 85, uit 1919 van Edward Elgar (1857-1934).

Deze maestro werkte het liefst — en het best — in de rust en afgescheidenheid van de Engelse countryside: in dit geval in een cottage, Brinkwell, in de directe omgeving van Fittlewood in het graafschap Sussex. Daar trachtte Elgar te herstellen van een depressieve stemming, die zich, mede als gevolg van de verschrikkingen van de Grote Oorlog van 1914-1918, van hem had meester gemaakt. In 1918 slaagde hij erin weer enkele kamermuziekwerken te schrijven, en heeft hij een begin gemaakt met zijn Celloconcert.
Mevrouw Elgar, die dat alles van zeer nabij meemaakte, noteerde in september van dat jaar in haar dagboek: “Wonderful new music, real wood sounds and other lament which should be in a war symphony.” Op basis van die inhoud mag men ervan uitgaan dat deze woorden betrekking hebben op dat celloconcert. Aan vrienden schreef de componist zelf, eind juni 1919, dat hij een celloconcert bijna had voltooid: “a real large work, and I think good and alive.”
Cellist Felix Salmond (1888-1952) en, voor die gelegenheid dirigent Elgar, hadden te weinig repetitietijd ingeruimd, met als gevolg dat de eerste uitvoering — op 26 oktober 1919 — bepaald geen succes werd,  en het concert zich later alsnog een plaats in het standaardrepertoire voor dit instrument zou moeten veroveren, hetgeen door een reeks pleitbezorgers, vooral na de Tweede Wereldoorlog uitstekend is gelukt. Niet in de laatste plaats door Jacqueline Dupré (1945-1987), echtgenote van dirigent Daniel Barenboim, met wie zij dat concert ook heeft uitgevoerd. Daarvan bestaat een filmopname, die veelvuldig over de gehele wereld is vertoond, hetgeen de belangstelling voor Elgars opus 85 zeker ten goede is gekomen.

Sietse-Jan Weijenberg interpreteert Elgar
De Nederlandse cellist Sietse-Jan Weijenberg vertolkt de solopartij in het hier en daar wat sombere, maar briljant-ingetogen geïnstrumenteerde concert van Elgar. De inmiddels ruim gelauwerde cellist studeerde aan het Noord Nederlands Conservatorium, waar hij zijn studie afsloot met een eindexamenconcert dat hem het cijfer 10 opleverde, hetgeen voor ieder, die de intensiteit van zijn voordracht kende, een vanzelfsprekendheid was. Daarna is hij verder gaan studeren in de Franse hoofdstad, waar hij onder meer als solist met het Orchestre de Paris heeft gespeeld.

Ein Heldeleben
Nog een geluk dat het symfonisch gedicht Ein Heldenleben, opus 40, ontstaan in de jaren 1897-1898, van Richard Strauss (1864-1949), niet aan dezelfde inflatie onderhevig is als het begrip held. Immers: krantenbezorgers en straatvegers worden heden ten dage niet zelden in het zonnetje gezet alsof ze drommen mensen het leven hebben gered.

Strauss is in de eerste helft van zijn vierde decennium op aarde aan deze compositie begonnen: hij was toen vierendertig jaar oud; in het jaar daarop werd het opus voltooid.
Het werk werd op 3 maart 1899 in Frankfurt am Main voor de eerste keer gespeeld. De componist dirigeerde zelf.
In de zomer of de vroege herfst [1] van 1900 schreef Gustav Mahler (1860-1911) “in aller Eile” een korte brief aan Richard Strauss waarin hij mededeelde dat hij in de programmering der Philharmonischen Konzerte [2] plaats had ingeruimd voor Ein Heldenleben, en verzocht hij Strauss om zelf te komen dirigeren, als hij daartoe in de gelegenheid zou zijn. Hij voegde daar aan toe: “Ich denke, es wäre nun an der Zeit, daß Sie und unser Publikum miteinander »Bekanntschaft« machten.
In de uitvoering van Ein Heldenleben door het NSO zal de veeleisende vioolpartij worden gespeeld door Floor Le Coultre.
__________
[1] De brief in kwestie is ongedateerd, maar het is bekend dat Strauss op 14 oktober van dat jaar aan de uitnodiging in kwestie refereert in een brief aan zijn ouders.
[2] Mahler leidde de Wiener philharmonischen Konzerte vanaf de herfst 1898 tot in maart 1901.
[3] Het zal Mahler zijn ontgaan dat Strauss had reeds in april 1895 een concert van de Berliner Philharmoniker in Wenen had gedirigeerd.
____________
Afbeeldingen
1. Logo van het Nederlands Studenten Orkest.
2. Edward Elgar met grammofoonplaat en pathefoon.
3. Cellist Sietse-Jan Weijenberg.
4. Componist Richard Strauss.

NNO deze week met twee eigentijdse Russen

Componist Alfred Schnittke in mei 1989.

Het Noord Nederlands Orkest speelt eind deze week driemaal hetzelfde programma in drie steden van de provincies Groningen en Friesland. Het concert telt vier onderdelen: alle van Russische componisten: twee uit de negentiende eeuw, twee uit de twintigste eeuw. Het ligt voor de hand dat de beide namen van de negentiende eeuwers, Modest Moessorgski (1839-1881) en naast hem Pjotr Iljitsj Tsjajkovski (1840-1893) voor vrijwel geen concertbezoeker onbekende grootheden zijn; van de twee twintigste eeuwers zal in onze contreien Alfred Schnittke (1934-1998) nog de meeste bekendheid geniet.
De naam Aleksandr Mosolov (1900-1973)  zal minder gauw een belletje doen rinkelen, al is hij de laatste maanden diverse keren, via ethergolven van Radio 4 en BBC Radio 3, in tal van huiskamers binnengekomen met zijn meest bekende werk: De IJzergieterij uit 1927 dat artistiek manager van het Noord Nederlands Orkest, Marcel Mandos, een passende plek heeft gegeven tussen andere Russen.

De Russische componist
Aleksandr Mosolo; jaren
vijftig van de vorige eeuw.

Voor al degenen bij wie het angszweet uitbreekt bij de gedachte aan een Russische componist die nauwelijks anders heeft meegemaakt dan Revolutie, zij gezegd dat het stuk geen vijf minuten duurt en daarnaast een uitstekend klankbeeld overbrengt van wat er in zo’n industrieel instituut gebeurt.
__________
Voor meer informatie over de andere onderdelen van het concert in kwestie, kunt u deels terecht in onze bijdrage op de zustersite Muziek en mensen en deels in een artikel op een andere zustersite, Tempel der Toonkunst.

Schönberg, Phlipp Glass en Sjostakovitsj deze week tweemaal bij NNO onder Michail Jurowski

Michail Jurowski
Deze week concerteert het Noord Nederlands Orkest in slechts twee steden van het eigen speelgebied: donderdag 30 september in het Cultuurcentrum De Oosterpoort in Groningen, en op vrijdag 1 oktober in De Tamboer te Hoogeveen.

Dirigent is Michail Jurowski, die eerder dit jaar in onze regio met datzelfde ensemble zo’n overrompelende, en vooral blijvende, indruk wist te vestigen met de Zevende Symfonie van dezelfde componist.
Sjostakovitsj werd al decennialang in het oostblok beschouwd als de rechtmatige opvolger van Gustav Mahler. Die status moest worden gezien als een van kwaliteit èn kwantiteit. Andere stemmen melden — overigens niet ten onrechte — dat de man steeds opnieuw dezelfde symfonie schreef, maar als je het geluk hebt die werken op de juiste, diepgravende manier ‘voorgezet’ te krijgen, zouden nog vijftien stukken in datzelfde genre — de symfonie — geen bezwaar zijn geweest. En in het Noorden van ons land hebben we in 2010 het voorrecht gehad om een Sjostakovitsj-symfonie op de juiste wijze uitgevoerd te horen: toen was dat in Groningen en Leeuwarden. Deze week hebben de geïnteresseerden opnieuw die kans, zij het thans in Groningen en Hoogeveen, want waarom zou het eigen symfonisch ensemble met dezelfde dirigent een latere symfonie van Dmitri Sjostakovitsj anders spelen dan op topniveau.
Het concert wordt geopend met de Nocturne voor strijkorkest en harp van Arnold Schönberg (1874-1951). Daarna volgt de Nederlandse première van het Celloconcert van Philipp Glass. De cellopartij daarin wordt verzorgd door Wendy Sutter.
Meer daarover valt te lezen op onze zustersite Tempel der Toonkunst.

Heilloze kortingen
De inwoners van de noordelijke regio moeten wel beseffen dat het wellicht één van de laatste gelegenheden is zoiets mee te maken, aangezien in de Rijksbegroting — gepresenteerd tijdens de Troonrede op de derde dinsdag van deze maand — is voorzien dat er op cultuur zo’n 20 procent zal worden gekort. Dat is de aankondiging van een stuitende kaalslag, aangezien van de pot voor cultuur met een onevenredig groot offer zal worden gevraagd: driemaal zoveel als de overige maatschappelijke sectoren: je reinste cultuurbarbarij.
Politici hebben nu eenmaal een cultureel bord voor de kop, niet alleen in Nederland maar tevens in de ons omringende landen. Het toont meteen weer eens dat de oude, en juist gebleken, stelling — in tijden van misère hebben we juist meer cultuur nodig — nog steeds niet tot het benevelde brein van individuele politici is doorgedrongen, hetgeen ertoe leidt dat de politiek als geheel een uiterst onbetrouwbare grootheid is. We zien het, als we ons even tot het eigen land beperken, dagelijks op de beeldbuis en we kunnen het lezen in alle printmedia.
Waarmee overigens niet gezegd wil zijn dat het daarmee in andere staten van de Europese Unie beter mee gesteld is.
____________

Afbeeldingen
1. Dirigent Michail Jurowski. (Foto overgenomen van diens website.)
2. Componist Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975.)

Peter Liebersons Neruda Songs op BBC Radio 3

Op vrijdag 24 september komt de Britse radiozender BBC Radio 3 in het avondconcert dat onder de titel Performance on 3 zal worden uitgezonden, voor de pauze — tussen 20:00 uur en 20:50 uur — met vijftig minuten klassieke muziek.
Het programma wordt geopend met een Fragment uit de opera Tristan und Isolde van Richard Wagner (1813-1883); daarna wordt een relatief onbekend werk voorgesteld dat extra cachet verleent aan zo’n optreden. Het gaat daarbij om de Neruda-Songs van de in 1946 geboren Peter Lieberson.
De teksten van de liederen zijn afkomstig uit het lyrische oeuvre van de Chileense dichter Pablo Neruda (1904-1973). Ze zullen worden gezongen door de Engelse mezzosopraan Sarah Connolly, begeleid door het BBC Symphony Orchestra onder leiding van zijn chefdirigent Jiri Belohlávek.
Na de pauze — die duurt van 20:50 uur tot 21:10 uur — vervolgen de instrumentale musici dit concert met een Symfonie van Antonín Dvořák (1841-1904), die hier en daar als Tragische wordt geafficheerd.

____________
Afbeeldingen

1. Componist Peter Lieberson. (Foto © Rinchen Lhamo; overgenomen van impresariaat G. Schirmer Inc.)
2. De Chileense dichter Pablo Neruda.

Vier uur achtereen over en van Rolf Liebermann, zaterdagavond op Duitse radiozender NDR Kultur

Prisma Musik
Zaterdag 18 september besteedt de Duitse regionale radiozender NDR Kultur, tussen 20:00 uur en middernacht, twee programma’s — beide met een duur van twee uur — aan de Zwitserse componist Rolf Liebermann. [1]
In het onderdeel
Prisma Musik dat als vast programma op gezette tijden op genoemde zender opduikt, is de Zwitserse componist — die, was hij blijven leven, jongstleden dinsdag honderd jaar oud geworden zou zijn — de protagonist. Hij wordt, op diverse terreinen van het cultuurleven, en met nadruk in tal van disciplines binnen de klassieke muziek, beschouwd als groot intiator, en dat is terug te vinden in de titel van de aflevering van bovengemeld programma: Der große Anreger: Rolf Liebermann zum 100. Geburtstag, uit te zenden tussen 20:00 uur en 22:00 uur.


Variationen zum Thema

In aansluiting daarop wordt een aantrekkelijke variëteit uit het oeuvre van Rolf Liebermann voorgesteld in het programma Variationen zum Thema dat van 22:00 uur tot middernacht wordt uitgezonden. Het concert wordt gopend met diens Pianosonate, gevolgd door de Symfonie voor jazzensemble. Het derde onderdeel van het Liebermann-concert is weliswaar opnieuw een symfonie, maar dan een klassieke, die het nummer 1 draagt. Daarna kunt u kennismaken met een compositie die de titel Geigy Festival Concerto draagt.
Voordat het concert met het zesde stuk eindigt, klinkt eerst nog Furioso voor orkest. Ter afsluiting wordt de dramatische cantate Streitlied zwischen Leben und Tod uitgezonden.

Strijden tegen intolerantie
Laatstgenoemd werk is een passende compositie om iemand te herdenken die zich tijdens zijn hele volwassen leven in volle overtuiging
heeft ingezet voor een goede zaak: de cultuur, als strijdmiddel tegen intolerantie.

In een gesprek vertelde Rolf Liebermann over zijn tijd als intendant van de Hamburgische Staatsoper, en dat hij daar als voorbeelden van intolerantie op de planken heeft laten zien tot welke onmetelijke en bijna onuitsprekelijke tragedies intolerantie kan leiden, in twee lichtende voorbeelden: het klassieke Wozzeck uit 1925 van Alban Berg (1885-1935) en het opdrachtwerk Die Teufel von Loudun uit 1969 van Krysztof Penederecki (geboren 1933).
__________
[1] Zie ook de bijdrage op de aan de site die aan deze is gelieerd, Muziek en mensen.
__________
Afbeelding: Rolf Liebermann, rechts, in gesprek met zijn biograaf Curt Riess. Deze foto siert de achterzijde van diens boek uit 1977: Nennen Sie mich einfach Musiker, verschenen bij Verlagsgesellschaft R. Glöss + Co., Hamburg.